Marcus
Alles verkopen?
Marcus 10,21
Serie:
Eén veelkleurig geheel | Jaarthema '25-'26
Assen Marsdijk
zondag 3 mei 2026

Als student had ik het niet breed. Het gebeurde wel eens dat ik aan het einde van mijn geld een stuk maand overhad. Maar sommige studenten overtreffen alles. Ik sprak tijdens mijn studententijd een keer iemand voor wie dat gold. Ze gaf zo veel van haar studiefinanciering weg aan goede doelen. Als ze op straat werd gevraagd voor het één of als ze werd gebeld voor het ander dan gaf ze weer een paar euro. Maar ze gaf iets te veel weg. Tegen het einde van de maand had ze geen geld meer om eten te kopen. Gelukkig kon ze wel bij medestudenten mee-eten. Of haar huisgenoten schoten wat voor. Anders ging ze wat eerder naar haar ouders…
De vraag die vanuit Marcus 10 op je afkomt is: zouden we niet eigenlijk allemaal zó moeten leven? Meer en meer weggeven, zelfs als dat je in de problemen brengt? Hoeveel vraagt God je om weg te geven? Het kernvers waar we tijdens deze preek bij stilstaan is vers 21:
DIA 3
Jezus keek hem liefdevol aan en zei tegen hem: ‘Eén ding ontbreekt u: ga naar huis, verkoop alles wat u hebt en geef de opbrengst aan de armen, dan zult u een schat in de hemel bezitten; kom daarna terug en volg Mij.’
Marcus 10,21
Hoeveel geld geef je weg? Die vraag is in onze gemeente actueel, omdat er een VVB-actie loopt. Maar even heel nadrukkelijk: deze preek komt daar niet uit voort. Deze preek is onderdeel van de serie ‘Eén veelkleurig geheel’.
DIA 4
We hebben het over waarom we doen wat we doen in de kerkdienst. Binnen die kerkdienst is er heel veel ruimte voor diversiteit. Daarin zien we iets van de rijkdom van Gods karakter.
DIA 5 | ZWART
Maar de kerkdienst is ook een soort leven van een christen in het klein. De kerkdienst bevat allerlei onderdelen die in het dagelijks leven terugkomen. Omgaan met verschillen is daar één van. Net als zingen en God prijzen, bidden en je afhankelijkheid van Hem beseffen. En dus: geven en delen. In een christelijk leven gaat dat niet alleen om je geld en bezit. Het gaat ook om je tijd, je aandacht, je liefde geven en delen. Dat oefenen we in de kerkdienst. We oefenen geven en delen allereerst met ons geld en bezit. Misschien is dat ook wel het moeilijkst…
DIA 6
Bezit heeft de neiging om op zijn beurt jou in bezit te nemen. Als je dingen bezit – een mooie auto, een huis, een telefoon – dan kun je vaak heel snel moeilijk zonder. Je wordt afhankelijk. Zonder dat gelijk goed of fout te vinden: dat is hoe het is. Maar het maakt delen moeilijk.
DIA 7 | #1
#1. Delen is moeilijk
Voor sommigen is het alleen al moeilijk om het open over geld geven te hebben. ‘Hoe ik omga met mijn geld, dat is aan mij en niemand anders.’ Dat heeft ook een andere kant: als we van anderen weten hoeveel ze kunnen uitgeven, dan word je gemakkelijk jaloers. Bovendien zegt Jezus zelf: “…laat je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet” (Mt. 6,3). Genoeg reden om het niet te veel over geld en geven te hebben dus.
DIA 8 | ZWART
Het kan ook zijn dat je gemakkelijker wat weggeeft. Dat betekent misschien wel dat je niet zo ‘op de kleintjes’ hoeft te letten. Je zit goed in de slappe was. Dan geef je gemakkelijker een klein bedrag. In de collecte aan de voordeur. Of in de kerk. Maar wanneer is het dan genoeg?
DIA 9
In Israël was het duidelijk: zodra de opbrengst van het land binnenkwam gaf je daarvan 10% weg. Ook die man die bij Jezus komt deed dat vrijwel zeker. Hij heeft zoveel eerbied voor Jezus. Hij houdt zich zo oprecht aan Gods geboden.
DIA 10 | #1
Delen is moeilijk. Ook 10% is al best moeilijk om te halen. Vaak groeien je uitgaven mee met je inkomen. Als je dan ineens 10% weg gaat geven, dan voel je dat wel. Delen is nog best moeilijk, en dat is van alle tijden. Maar Jezus vraagt niet 10%. Hij vraagt 100%. Dat willen we niet. Zo’n opdracht vliegt je naar de keel. Je klampt je vast aan wat je hebt. Maar Jezus vraagt alles.
DIA 11 | #2
#2. Jezus vraagt alles
Dat is die schokkende opdracht van Jezus aan deze rijke man. De opdracht waar de vroege kerk naar luistert. We lazen het uit Handelingen: ze delen alles met elkaar! Ergens kietelt dat mijn verlangen: alles delen en heel nauw samenleven. Tegelijk: je maakt het ook snel te romantisch. Dicht op elkaar met iedereen, ook met wie je moeilijker kan opschieten… dat is echt geen pretje. Bovendien liggen er allerlei gevaren op de loer. Wat als iemand de kas leegrooft en er vandoor gaat?
DIA 12
Hoe moet je die opdracht van Jezus beluisteren? Besef dit: Het is geen oproep tot totale armoede. Als Jezus iedereen zou vragen alles weg te geven, zou dat de samenleving ontwrichten. Bovendien benadrukt Paulus meerdere keren, onder andere in 2 Korintiërs:
Het is niet de bedoeling dat u door anderen te helpen zelf in moeilijkheden raakt.
2 Korintiërs 8,13
Alleen ten onrechte wordt daarom door veel uitleggers gezegd: Jezus vraagt niet al je geld. Jezus vraagt ook jou en mij om alles te delen. Want tegen zijn leerlingen benadrukt Hij zijn woorden. Ze zijn erdoor uit het lood geslagen.
DIA 13
Want kijk, rijkdom werd gezien als zegen van God – het OT staat vol met zulke beloftes (vgl. Job 42,10; Ps. 128,1-2; Jes. 3,10). Beloftes van rijkdom en bezit. Maar Jezus wijst een andere weg. Een hogere weg dan aardse rijkdom: een schat in de hemel. Daarmee doelt Hij op het Koninkrijk van God.
Weet je, deze rijke man is niet zomaar vroom. Hij heeft alles goed gedaan. Hij leeft de wet van God heel strikt na. Hij gaf zij tienden. Waarschijnlijk is hij trouwer, vromer en geloviger dan jij en ik. Jezus probeert hem ook niet te ontmaskeren of een hak te zetten.
DIA 14
Nee: Hij heeft hem lief. Alleen deze man zit wel vast in zijn denken. Dit denken: dat het houden van bepaalde regels hetzelfde is als God dienen. Als je zo denkt, dan is het logisch dat je je afvraagt: “wat moet ik doen om deel te krijgen aan het eeuwige leven?” (Mc. 10,17). Als je denkt dat God dienen hetzelfde is als bepaalde regels naleven, dan kun je je voortdurend afvragen: ‘Doe ik wel genoeg?’
DIA 15 | #2
Ja, het antwoord van Jezus is liefdevol. Maar het is ook beangstigend. Want het antwoord is: ‘Er ontbreekt je nog iets.’ Jezus vraagt alles. En eerlijk is eerlijk: dat kun je onmogelijkwaarmaken.
DIA 16 | #3
#3. Onmogelijk
Want wie zou dat kunnen: alles weggeven. Je zekerheid, je tijd, je zeggenschap over je eigen geld. Zelfs Jezus’ leerlingen slaat de schrik om het hart. Want ze zien hun redding verdampen: “Wie kan er dan nog gered worden?” (Mc. 10,26b). Ja, zijn leerlingen hadden alles achtergelaten. Maar ze hadden het niet hoeven verkopen. Ze voelen de onmogelijkheid van Jezus’ opdracht maar al te goed mee.
DIA 17
Jezus maakt duidelijk: geloven is geen takenlijstje dat je kunt afwerken. Geen lijstje waarbij je je goed kunt voelen over jezelf wanneer overal een vinkje achter staat. Hebben we dat niet te veel van de kerk gemaakt? Een plek waar we, als we alle regeltjes volgen, we ons goed voelen over onszelf? Of tenminste goed genoeg? Een takenlijstje veronderstelt dat we kunnen denken in genoeg of niet genoeg. Helemaal bij het geven van geld kun je dat denken. ‘Ik geef wel genoeg.’ Maar ook op het gebied van tijd of wat ook maar.
DIA 18
Ten diepste is dat geloven vanuit angst. “Angstige mensen leven volgens het motto: wat niet expliciet is toegestaan is verboden.”[1] Maar de andere kant kom je soms ook tegen: ‘Wat niet expliciet is verboden is dus toegestaan.’ Dat is een onvolwassen manier leven in vrijheid. Zo simpel is het niet. Geloven is niet maar genoeg bidden, genoeg Bijbellezen en genoeg naar de kerk gaan, zodat God het goed genoeg vindt.
DIA 19
Geloven is geen takenlijstje. Geloven is een weg die je volgt. Een weg waarop je telkens stappen mag zetten. Een weg die leidt naar het leven! De weg van Gods Koninkrijk. Elke stap op die weg is er één. En je kunt niet achterom kijken en bij jezelf zeggen: ‘Laat die ander nu eerst maar eens doorlopen…!’ Want geloven is de weg die je volgt. Die weg loopt achter Jezus aan. Hij laat de prijs zien: alles verliezen. Afstand doen van álles. Wie kan dat? Dat is toch onmogelijk?
DIA 20 | #3
Dat klopt. Het is onmogelijk. Zo onmogelijk als een kameel die door het oog van een naald kruipt. Voor wie dat denkt: het oog van de naald is niet het kleinste poortje van Jeruzalem. Die naam kreeg die poort pas later. Jezus bedoelt het letterlijk. Het grootste dier past met geen mogelijkheid door het kleinste gaatje. Het is echt onmogelijkals iemand probeert het Koninkrijk van God binnen te gaan door een takenlijstje af te werken.
Daarom heeft Jezus alles betaald.
DIA 21 | #4
#4. Jezus heeft alles betaald
Jezus gaat onze weg voorop! De weg die jij en ik nooit zouden kunnen aflopen. Dat is de weg die Jezus zelf ging! Hij laat zien wat echte liefde is, wat dat kost. Daar gaat geloof ook om.
DIA 22 | ZWART
Jezus heeft alles betaald. Hij heeft je vrijgekocht van de dood en de zonde. Dat geloven we natuurlijk maar al te graag. Ik ook! Alleen de andere kant van de medaille is veel moeilijker, maar net zo waar: ‘Alles ís al van God. Je hebt níets wat je niet hebt gekregen.’ Het is zó waar wat David zegt, na het inzamelen van de middelen voor de bouw van de tempel:
DIA 23
Wat ben ik, en wat is mijn volk, dat wij in staat zijn gebleken zoveel kostbaarheden af te staan? Alles is van U afkomstig, en wat wij U schenken komt uit uw hand
1 Kronieken 29,14
Zie je: het gaat niet om wat je weggeeft en wat je houdt. Het gaat om de diepe overtuiging die daar onder ligt. Het gaat erom dat je ervan doordrongen bent: alles wat ik heb, heb ik van God gekregen. Alles is al van God. Mijn geld, mijn bezit, mijn tijd, mijn talenten, mijn werk – álles! Ik heb het hele leven van God teruggekregen. Teruggekregen met de verantwoordelijkheid daarin een goeie balans te zoeken. Zorgen voor jezelf en voor de mensen die God aan jouw zorg heeft toevertrouwd. Gegeven om Zijn koninkrijk te zoeken, met elke cent die je weggeeft én elke cent die je houdt.
DIA 24 | ZWART
Maar wel met dat doel: de schat in de hemel, die op aarde kwam in Jezus Christus. Leven in en door Zijn liefde. Leven in het Koninkrijk. Liefde die desnoods bereid is zichzelf voor de ander te verliezen. Die liefde, die in Jezus persoonlijk naar mij toekomt, die wil ik liefhebben!
DIA 25 | #4
Dat kan alleen als je ontdekt hoe onmogelijk je zelf de goede God zou kunnen bereiken. Alleen als je beseft, met hart, ziel en verstand, dat Jezus alles heeft betaald… Alleen dan leer je zo liefhebben als Jezus. Dat is geen item op een takenlijstje. Het is een levensweg, die je hele leven duurt. Jezus kende de kosten, maar gaf Zich helemaal prijs. Dat is het voorbeeld waarnaar we leven. Jezelf verliezen om anderen te winnen.
DIA 26 | SAMENVATTING
Delen is moeilijk, maar God vraagt alles en dat is voor ons onmogelijk, daarom heeft Jezus alles betaald.
Iets van datzelfde liefdevolle geven oefenen we tijdens de kerkdienst. Ook in het geven van onze gaven. Daarin bevrijd Jezus je van de onmogelijkheid: de weg naar God is vrij. Je mag zelf weten hoeveel je geeft. Zolang je er maar eerlijk en oprecht over bent. Je mag geven zonder dwang en druk.
Maar laat tegelijk de scherpe randjes aan deze tekst wel zitten!
Want er zijn dingen waar je wel erg veel op vertrouwt.
Dingen die jou misschien wel meer in bezit hebben dan dat jij ze bezit.
De Bijbel noemt niet voor niets het verlangen naar meer de wortel van al het slechte.
Je bent mens – zo steek je in elkaar.
Dus denk niet: Jezus vraagt van mij niet alles. Nee: Jezus vraagt ook van jou en mij álles. Maar dat is wel een weg die je mag gaan samen met Hem. Stap voor stap. Met Hem als voorbeeld!
Dus dan is de vraag:
Welke stap zet jij vandaag, samen met jouw Here Jezus?
AMEN
__________
[1] Paas, De weg van vrede, 216.

